Home  »  Nieuws  »  De mensen van okk: sabine fioole en rianne van 't wout

Nieuws

De mensen van OKK: Sabine Fioole en Rianne van 't Wout

13-07-2014
De mensen van OKK: Sabine Fioole en Rianne van 't Wout
In de mensen van OKK komen personen aan het woord die iets met de vereniging te maken hebben. Bestuursleden, begeleidsters en trainsters, leden, van jong tot oud. In deze aflevering is de beurt aan Sabine Fioole en Rianne van ’t Wout.

,,Het verschil tussen meiden en jongens turnen?’’ Sabine Fioole en Rianne van ’t Wout hoeven er niet lang over na te denken. ,,Jongens hebben meer energie en ze hebben meer uitdaging nodig. Ze durven ook meer, hebben meer lef.’’ Sabine en Rianne kunnen het weten. Zij geven al zo’n vijf jaar samen les geven aan de jongens van OKK.

 
,,De jongensgroep bestaat sinds 2001, maar op een bepaald moment waren er nog maar vijf, zes jongens over’’, vertelt Rianne. Het was bijna zo dat de stekker eruit ging, maar zij hebben zich hard gemaakt voor de groep. ,,We hebben van alles geprobeerd, zoals vriendjesmiddagen.’’ Sabine: ,,Al snel werd het aantal heren groter, we moesten er zelfs twee groepen van maken.’’ Rianne: ,,Binnen een jaar was de groep verdriedubbeld. Ouders gingen zelfs vragen of hun zoontje niet twee keer per week kon trainen.’’
Naast hun eigen inspanningen speelden ook de successen van topturner Epke Zonderland volgens de trainsters een rol bij de toegenomen populariteit van het jongensturnen.  ,,Daarvoor werd gezegd: turnen is voor meisjes’’, zegt Sabine. ,,Nu is turnen stoer en willen steeds meer jongens erop. Als ze worden uitgelachen, wijzen ze op Epke. Dat doen wij ook. Ze kunnen hun klasgenootjes ook laten zien wat ze allemaal kunnen.’’
,,Wij hebben altijd serieus aangepakt’’, vertelt Rianne. ,,Zijn ons gaan specialiseren en hebben speciale cursussen gevolgd. Wij wilden ons ontwikkelen. Sabine: ,,Als je ziet wat ze nu allemaal kunnen, dan zijn wij daar best trots op.’’ De jongens zijn bovendien zelfstandiger geworden: ,,Wij hebben ze meer vrijheid gegeven en nu helpen ze elkaar ook veel. Het is een hechte groep en heel erg enthousiast’’, vertelt Sabine. Rianne vult aan: ,,We kunnen ze af en toe in de maling nemen, het is ook hartstikke gezellig.’’
De trainsters hebben zelf ook een lang verleden bij OKK. Rianne (25) was acht toen ze bij de recreanten begon: ,,Voordat ik op turnen ging, heb ik eerst een aantal andere sporten afgezocht. Ik heb een paar proeflessen gevolgd, onder meer bij ballet en zwemmen. Zwemmen heb ik trouwens ook lang gedaan, maar turnen was het meteen helemaal. Ik moest op een bepaald moment kiezen tussen zwemmen en turnen en toen is het dat laatste geworden.’’
,,Ik was daar gelijk helemaal weg van. Het leuke vind ik dat je zo lang bezig kunt zijn om iets te leren en om iets te leren moest je soms eerst andere stappen daarvoor onder de knie krijgen. Dat is overigens meteen wat bij jongens anders is. Die vinden dat ze iets meteen moeten kunnen, hebben minder geduld. Zij willen meteen de moeilijke dingen doen.’’
Sinds haar negende deed Rianne aan wedstrijdturnen, maar in 2008 zette ze daar een punt achter. ,,Ik was eigenlijk helemaal gestopt, maar al snel was ik er weer. Nu doe ik het alleen maar voor de lol, bij de 16-plusgroep en dat bevalt goed. Je kunt daar lekker je eigen ding doen en hoeft niet elke keer hetzelfde te doen.’’
Sabine (29) begon met turnen toen ze 6 of 7 was. ,,Een logische stap’’, zegt ze. ,,De hele familie zat op turnen. Mijn vader heeft geturnd en les gegeven, mijn moeder ook. Mijn oudste zus is de enige die nooit geturnd heeft, de andere drie dochters wel. Ik ging dus gewoon mee en heb het altijd naar mijn zin gehad bij OKK. Ik ben als recreant begonnen en daarna naar de b-selectie gegaan.’’
In 2005 moest zij daar noodgedwongen mee stoppen: ,,Er was een auto over mijn voet gereden. Door die blessure heb ik bijna drie jaar met krukken gelopen en vervolgens ging het over in een hernia. Eigenlijk is het nog steeds niet over. Ik geef sinds mijn twaalfde les. Mijn zusje ging op haar vijfde op gym. Ik ben een keer gaan helpen en nooit meer weggegaan. Op mijn dertiende heb ik de eerste assistentencursus gevolgd en op mijn vijftiende haalde ik mijn licentie om les te geven.’’
,,Ik haal heel veel voldoening uit het lesgeven en probeer me ook steeds bij te scholen. Ik ben helaas noodgedwongen gestopt met turnen, maar met lesgeven ben ik altijd doorgegaan. Ik heb veel groepen gedaan. De kleuters, de 6-7 jaar groep, 8-9 jaar, 10-11 jaar en 12 jaar en ouder.’’ Ook Rianne heeft inmiddels veel groepen onder haar hoede gehad, maar allebei noemen ze de jongensgroep als favoriet.
,,Wij zijn allebei geen meisjes-meisjes’’, stelt Sabine. ,,Misschien komt het daardoor.’’ Hoe lang ze er nog mee doorgaan durven ze niet te zeggen. Ze hebben allebei een drukke baan (Rianne als leerkracht op de basisschool en Sabine als adviseur op het gebied van orthopedische hulpmiddelen) en het valt niet altijd mee om werk en lesgeven bij OKK te combineren. ,,We kijken nu al een beetje wie ons ooit zou kunnen opvolgen’’, geeft Rianne toe. ,,Misschien dat we zelf onze opvolgers intern kunnen opleiden, want jongens lesgeven is echt heel anders dan meisjes.’’ Voorlopig blijven ze ‘hun’ jongensgroep echter trouw: ,,Dat is het laatste dat we willen opgeven’’, besluiten ze.

 

Deze rubriek wordt verzorgd door Vincent Wernke


« terug